vrijdag 6 juli 2012

Vrouwen zijn vogels

Vrouwen zijn vogels


Ik ben een oude travestiet. Mijn lichaam heeft barre tijden overleefd, en ik ben niet meer zo lenig als in mijn jeugdjaren, maar ik doe nog aan yoga, eet nog regelmatig noga, en volg nog altijd dagelijks het nieuws. We gaan samen de stad uit, jij stuurt met jouw baard, de auto op de automatische piloot, onze stemmen afgestemd op de radio. Jij bent niet langer mijn tegenpool, maar je bent bijzonder, uniek, zonder twijfel, je rijdt de stad uit, ik zit naast je, in een oude auto, ik ben zonder naam, zonder verleden, met slechts een kleine schim van toekomst. Ik ben vergeten wie ik ben, en ik kijk nooit meer in de spiegel, de autospiegel, van de oude auto waarin we rijden. We komen op een lange smalle landweg bij een uitgestrekt groen weiland, we rijden langzaam, steeds langzamer, ik moet plassen. Er staan grote bomen, breed en hoog, ik kies er een oude boom uit die wel tegen een stootje kan. Ik haal mijn verlegen leuter te voorschijn. Een ferme straal, dat wel. Een krachtige straal urine. Ik ben gezond, ook zonder verleden of toekomst. Jij zit nog in de wachtende auto. Ik ben even los van je. Het lijkt even of je niet meer bestaat. Je steeds verder weg geraakt. Ik denk aan iemand anders. Ik denk aan een vreemdeling, een onbekende clown. Ik fantaseer over een Robot, een huiskat en vliegende vissen. Ik ben plotseling een vrouw, in een prachtige gebloemde jurk, ik kan vliegen, langzaam maar zeker.Vrouwen kunnen vliegen, ik weet het, ik verlaat deze wereld. Ik ben niet meer van deze wereld. Ik had geen verleden, en ik heb geen toekomst, ik schijn gewoon op te stijgen door deze prachtige gebloemde jurk, met innerlijke vleugels. Mijn donkerbruine ogen kijken over de grazige velden, de weilanden zijn groen, er grazen zwart-witte koeien in de verte, ze lijken niet te zien hoe ik zweef, ze grazen gewoontegetrouw door, edelmoedig en sloom.Je start plotseling de motor van de oude auto en rijdt weg en laat mij hier zwevend achter. Mijn gebloemde jurk begint hevig te wapperen, mijn voeten worden lichter, mijn hart steeds meer bezwaard, ik laat je los je bent door gereden, hebt mij hier laten staan, ik ben een vrouw, ik heb me bezeerd tijdens het plassen. Ik ga hier vandaan. Deze wereld heeft nu niets meer te bieden. Alle liefde is voorbij. Tijd is een zwart gat.Ik ga naar de maan, nu ik eindelijk kan vliegen houdt niemand mij meer tegen. Vrouwen zijn vogels, en mijn geweten ademt, nakende wind en druilerige regen.Ik heb je ooit met hart en ziel bemind, maar dat kan ik nu niet meer,ik wil een neger in dezelfde gebloemde jurk, met dezelfde stevige arbeid, dezelfde geoefende handen, dezelfde pijn, ik wil een geschiedenis in boeken met kloten, een steeds goedkopere ruimtevlucht, ik wil niet teveel beschadigingen wanneer ik vlieg in mijn jurk, een nieuwe aftershave voor vrouwen, een rol ronde koekjes, een fototoestel die de onderkant van de hemel fotografeert met wilden fantasieën, het liefst nooit meer schaamte, een scheerapparaat dat niet langer hapert in de wind, een vriendelijke violist in het filosofisch orkest, een toneelspeler met een houten rug, en een recht geweten. Rij maar door, je ziet me nooit meer terug. Ik ben een vrouw. Ik ben een vogel. Ik vlieg weg met de wind. Vrouwen zijn vogels en ooit was ik een kind.





* herzien september 2009

© september 2009, mobar

Geen opmerkingen:

Een reactie posten